Wen Geerts is gevormd en geïnspireerd door de psycho-pedagogie van PRH, het systeemtheoretisch denken van de interactie-academie, door TGI van Ruth Cohn, haar opleiding Sociaal-Cultureel Werk en Multi-culturele en Mondiale studies, de communicatie- en systeemtheorie van Watzlawick, de groepsdynamica zoals die beschreven is door Remmerswaal (Bales, Festinger,…), de visie van WTM, haar jarenlange ervaring in de jeugdpastoraal, cursussen bio-energetica, yoga, en vooral door het jarenlang werken in het hoger en secundair onderwijs en het leven in al zijn aspecten zelf.
Met groepen en in individuele coaching werkt zij op een losse, maar weloverwogen manier. Ze daagt mensen uit, prikkelt hen en confronteert tot waar het kan. Haar gedrevenheid komt heel duidelijk naar voor, maar wordt aangevuld door een rustige en luisterende houding. Elke groep en elke persoon die haar pad professioneel kruist, beschouwt zij als een kado waarmee ze op weg mag gaan. Telkens opnieuw is er beweging zichtbaar bij mensen en bij de groep als geheel en dat is haar drijfveer om dit werk te doen.
Verder vertoeft ze graag bij haar man en zoontjes, geniet ze van de herfst- en lentegeuren 's morgens vroeg, van versgemaaid gras en van de zwoele dennegeur in een zomers bos. Ze kijkt gepassioneerd naar het vrouwentennis, wordt geraakt door de muziek van Mike Scott, Manu Chau, Ladysmith Black Mambazo en Ierse folk en door de hemelse stem van haar jongste zus (www.undineproject.be). Ze zwemt graag baantjes, doet af en toe mee aan een stratenloop en op vakantie wandelt ze het liefst van al rond met een rugzak en stevige botinnen in het middengebergte.
Waarom de ze de overstap maakte van het onderwijs naar het vormings- en coachingswerk kan je hieronder lezen:
"De eerste 6,5 jaren van mijn job in het hoger onderwijs ( lesgeven aan Maatschappelijk Assistenten, optie Sociaal-Cultureel Werk) was ik bezig met het contact met studenten via lessen, leergroepen, supervisie van stagiairs en stagecoördinatie. Daarnaast ging er veel aandacht en tijd naar het voorbereiden van lessen, theorie, kaders en modellen onder de knie krijgen en cursussen maken.
De volgende 5 jaren in het middelbaar onderwijs stak ik ook veel tijd in het voorbereiden van lessen, maar was ik op school zelf vooral bezig met het observeren van het schoolgebeuren. En in dit schoolgebeuren meer bepaald met de manier van functioneren van directieleden en collega’s en de interacties tussen al die mensen. Waarom sommige leerlingen heel goed presteerden en gemotiveerd waren en anderen helemaal niet, triggerde mij ook.
Toen stond ik nog niet bij stil bij de gevolgen van mijn ‘observatiewerk’. Duidelijk was dat mijn aandacht getrokken werd naar de manier van functioneren van collega’s die pas begonnen, naar de houding van hen die al jaren lesgaven, naar collega’s vol enthousiasme en naar anderen waar het vuur sinds kort of lang op een laag pitje brandde. Ik zag collega’s vermoeid raken of anderen die onvermoeibaar leken. Ik hoorde verhalen van toewijding en ook van vragen en twijfels. Ik zag collega’s zichzelf afschermen voor teveel werk en anderen die telkens meer engagementen op zich namen.
Mijn focus lag met andere woorden op het functioneren van leerkrachten, op de interactie tussen elkaar en tussen de directie en ik kon genieten van de verscheidenheid. Want dat er een schat aanwezig is aan mensen en mogelijkheden in elke school, dat staat vast. En dat bijna iedereen zijn of haar best doet op zijn/haar eigen manier dat heb ik ook gehoord en gezien. Maar ik ben er ook van overtuigd dat die mensen en mogelijkheden op sommige plaatsen nog efficiënter kunnen worden ingezet. Dat door inzicht te verwerven in bepaalde patronen in zichzelf meer mogelijk is voor het welbehagen van personeel. Dat door inzicht te verwerven in interactiepatronen tussen elkaar de samenwerking in een school nog kan verbeteren. Dat door handvatten te krijgen om beter te leren communiceren, dingen kunnen kantelen, in beweging komen. Mijn aanbod is gegroeid uit observatie van anderen, van mezelf en van een laten geboren worden wat er al is. Ik richt me graag tot directieleden, coördinatoren, docenten, praktijkbegeleiders, leerkrachten, studenten en leerlingen. Maar evengoed richt ik me tot andere organisaties en teams die te kampen hebben met veranderingen, communicatieproblemen en/of moeilijkheden met interpersoonlijke relaties, onduidelijkheden of een te grote werkdruk."
Wen Geerts
Maart 2008